Een rondleiding door het Dialogues House: bezoek en boek!
Schrijf in op de digitale nieuwsbrief.

    Hans van Putten - Ondernemerschap en zorgverlening gaan uitstekend samen

    Ondernemerschap en zorgverlening gaan uitstekend samen

    In 2006 is op 25-jarige leeftijd de verstandelijk gehandicapte Thomas van Putten overleden. Naar hem zijn de Thomashuizen genoemd, een nieuwe woonvorm voor mensen als hij. De erfenis van Thomas is van onschatbare waarde.

     

    Hans van Putten, vader van Thomas, was directeur van een succesvol reclamebureau totdat hij besloot het roer om te gooien.

     

    Zijn inspiratiebron: zoon Thomas. De vader moest tot zijn grote frustratie zien dat zijn zoon weinig bewegingsvrijheid en liefdevolle aandacht kreeg in de officiële zorginstelling waar hij verbleef. Die instelling wilde Thomas zelfs in een flatgebouw onderbrengen.

     

    Hans van Putten: “Thomas was een echt buitenkind, hij genoot van de natuur, van buiten zijn; ‘opgeborgen’ in die flat zou hij alleen nog een balkon hebben. Mijn conclusie: niet mijn zoon en andere mensen als Thomas zouden zich moeten aanpassen aan de zorgwereld; de zorgwereld zou moeten integreren in de gewone wereld, niet buiten die gewone wereld moeten staan en gewoon wonen mogelijk moeten maken, ook voor verstandelijk gehandicapten.”

     

    De stellige overtuiging van de voormalig reclameman: “ Iedereen moet kunnen wonen in een omgeving waar hij of zij zich thuis voelt, ook mensen met een verstandelijke beperking.”

     

    Toen hij een grote opdracht kreeg om iets te doen aan de plaatsingswachtlijsten in de verstandelijk gehandicaptensector kwam Van Putten tot de slotsom dat de enige oplossing zou zijn: nieuwe huizen openen. Dat bleek uiterst ingewikkeld en zou een kwestie van heel veel jaren zijn. Van Putten bedacht  een franchiseformule: Thomashuizen, vernoemd naar zijn zoon. De essentie van de formule: op de particuliere huizenmarkt gevonden panden waar zes tot acht verstandelijk gehandicapten wonen, die verzorgd worden door zorgondernemers die in hetzelfde huis wonen, om zoveel  mogelijk een gezinssituatie na te bootsen.

     

    De vader van Thomas: “Met dat idee schoot ik helemaal voorbij aan de opdracht. Die vroeg om een inventarisatie van de problemen, niet om de oplossing daarvan. De oplossing die ik aandroeg was helemaal niet de bedoeling. Ik denk dat ik, zeker voor de opdrachtgever, teveel betrokken was bij het probleem zelf. Ik was niet de juiste persoon voor een inventarisatie van bevindingen die zou leiden tot een rapportage aan een ministerie. Ik had immers zelf dagelijks te maken met het onvermogen van de sector.”

     

    Hans van Putten nam het heft in eigen handen en ging zelf met zijn concept aan de slag; stak er 250.000 euro eigen geld in en vond ander ‘risicokapitaal’.  De bereidheid tot ondersteuning van een belastingadviseur, accountant en jurist vond hij in zijn netwerk.

     

    De voormalige bureaudirecteur: “Ik ben goed in enthousiasmeren en mobiliseren van mensen.”  In 2002 was de Stichting Thomashuizen Nederland een feit. Sinds 2005 is de stichting als Thomashuizen Nederland overgegaan in een vennootschap. Doel van de franchiseorganisatie: het ontwikkelen van een landelijk netwerk van kleinschalige woonvoorzieningen.

     

    “Dat broeien op mijn concept had ik nog jarenlang kunnen doen, maar ik wilde spijkers met koppen slaan. Ik wilde iets anders dan een balkonnetje in de hoogbouw voor Thomas én voor mensen als mijn zoon, die ik ook zag wegkwijnen in de instelling die ik wekelijks bezocht. Bovendien: ik zag de machteloosheid van al die onder de bureaucratie van de zorgsector lijdende goedwillende medewerkers. Mijn concept bood die mensen een kans op zelfstandig ondernemen; niet langer vechten tegen de bierkaai.” 

     

    De stichting plaatste een advertentie voor zorgondernemers. Die leverde honderden reacties op en resulteerde in een selectie van vier veelbelovende starters. In 2003 werden de eerste twee Thomashuizen geopend. Van Putten: “Bij de opening van het eerste Thomashuis wist ik het echt: commerciële zorg is de toekomst.” 

     

    Een Thomashuis is een plek waar mensen zoals Thomas warmte vinden, veiligheid voelen en zichzelf in een beschermde omgeving kunnen ontplooien, verder  - zo blijkt - dan de beperkte mogelijkheden die de institutionele zorg daartoe biedt. Zonder dat zij - en ouders of voogden - gehinderd worden door bureaucratie, de kilte van de zorgsector. 

     

    Een Thomashuis is een succesvolle combinatie van ondernemerschap, keuzevrijheid en kleinschalig wonen in een heerlijk huis in een mooie omgeving.

     

    Het unieke van de Thomashuizen ligt in de formule: zorgverleners worden zorgondernemers. Waar veel kleinschalige woonvoorzieningen vastlopen op bureaucratische en financiële beperkingen van hogerhand, krijgen in de Thomashuizen ervaren zorgverleners - die veelal tegen de frustrerende beperkingen van de zorgsector zijn aangelopen - de kans om voor zichzelf te beginnen. De zorgondernemers, in de meeste gevallen echtparen of koppels, wonen zelf ook in of naast het Thomashuis en zien dit als een eigen bedrijf. Zo dragen ze niet alleen de verantwoordelijkheid, maar hebben ze ook de mogelijkheid om zelfstandig beslissingen te nemen.

     

    Hans van Putten: “Ondernemerschap en zorg gaan uitstekend samen.” 

     

    In de overeenkomsten tussen de franchiseorganisatie en de zorgondernemers zijn uiteraard, zoals in ieder franchisecontract, heel duidelijk omschreven kwaliteitsrichtlijnen opgenomen. Thomashuizen Nederland werkt samen met Stichting Perspectief voor de naleving van die richtlijnen.

     

    Uniek - in de zorgsector - zijn ook de huizen zelf. Het zijn panden met een historie, villa’s, voormalige kloosters of boerderijen, veelal in of juist buiten dorpskernen, omringd door eeuwenoude bomen en in de onmiddellijke omgeving van groen; geen inderhaast uit beton opgetrokken gebouwen aan ringwegen in stadsgebieden.

     

     “Ik wilde het gevoel hebben: als ik naar Thomas ga, dan wil ik hem niet in een betonblok zien; dan wil ik het gevoel hebben: hij is verstandelijk gehandicapt, maar hij woont tenminste wel verrukkelijk en mooier dan de meesten onder ons zich zouden kunnen wensen.”

     

    De bewoners (zo’n zes tot acht) van een Thomashuis worden gezien als klanten, als een betalende huisgast, aan wie de zorgondernemers 24 uur per dag ondersteuning bieden. Persoonlijke aandacht en dienstverlening staan hoog in het vaandel. Daar vaart iedere onderneming wel bij, zo ook de Thomashuizen. Voor de klant en voor ouders of voogden vormen de zorgondernemers het vaste aanspreekpunt. De lijnen zijn direct en kort. Met iedere klant wordt een persoonlijke overeenkomst gesloten, waarin alle afspraken over het wonen en de ondersteuning zijn vastgelegd.

     

    Ieder heeft een ruime zitslaapkamer. De gemeenschappelijke living is groot en er zijn allerlei mogelijkheden voor ontspanning en samenzijn. Samen eten is belangrijk, is een ‘familiemoment’. Maar als een huisgenoot soms liever op de eigen kamer wil eten, dan is dat geen probleem.

     

    “Niets moet, alles kan, is het motto” vertelt Hans van Putten. “Natuurlijk zijn er huisregels, zoals die er zijn in ieder wonen onder één dak, in een gezin, of, noem maar wat, binnen een Vereniging van Eigenaren.

     

    Maar waar het om gaat, die regels zijn dezelfde als die in de gewone wereld gelden. Ze zijn niet beperkend, maar bieden juist de zekerheid en veiligheid van prettig samenwonen.” 

     

    Iedere klant van een Thomashuis richt zijn of haar kamer in naar eigen inzicht en smaak. Het streven is om de sfeer van het huis ook in de privé-kamer van de huisgast terug te laten komen. Een binnenhuisarchitect en een inkoper kunnen zowel de ondernemers als klanten adviseren over aankleding en aanschaf. De klant kan met korting kiezen uit een ruim assortiment aan meubels, vloerbedekking, gordijnen, lampen en wat zoal verder komt kijken bij het inrichten van leefomgeving. Hierbij wordt gelet op stevigheid en duurzaamheid.

     

    Voorwaarde om in een Thomashuis te wonen, is een indicatie voor een Persoonsgebonden Budget Uit dat budget worden de kosten voor zorg en ondersteuning gefinancierd. De kosten voor het wonen worden betaald uit een uitkering of eigen middelen van de klant. Met andere woorden: iedereen met een WAJONG (Wet Arbeidsongeschiktheidsvoorziening Jonge Gehandicapten) uitkering kan wonen in een Thomashuis. 

     

    De formule werkt zo goed dat er nu al twintig Thomashuizen zijn geopend. Met in elk huis zes tot acht bewoners die met twee enthousiaste zorgverleners samenwonen. Binnenkort komen er nog negentien bij.

     

    "Het gaat om het klein menselijke: warmte, aandacht die verder reikt dan de noodzakelijke verzorging. Een gezinssituatie. Dat verliest de institutionele zorg uit het oog.

     

    Thomas was gelukkig. Hij heeft nog ruim een jaar als God in de Betuwe geleefd. Hij werd gestimuleerd door de omgeving waarin hij woonde, was daardoor weer zelfstandiger geworden. Eten en drinken zonder hulp, alleen buiten lopen, brood halen bij de bakker, paardrijden; dat alles zou binnen de institutionele zorginstelling niet mogelijk zijn geweest.”

     

    In 2004 heeft de franchiseorganisatie partners aangetrokken. Inmiddels zijn woningbouwcoöperatie Vestia en zorggroep Sensire ingestapt. De laatste participeert en levert kapitaal zodat nieuwe formules uitgebouwd kunnen worden. Vestia is de vaste leverancier van de bijzondere panden die Thomashuizen zoekt.  ABN AMRO heeft een arrangement ontwikkeld voor de zorgondernemers, dat bestaat uit kredietfaciliteiten en collectieve verzekeringen.

     

    “Mijn doel is om jaarlijks zo’n tien, of wie weet wel meer, commerciële zorghuizen te openen. Echte zorghuizen, en geen ‘verzamelplaatsen’ van mensen aan wie de noodzakelijke zorg verleend moet worden, omdat we nu eenmaal een ‘zorgmaatschappij’ zijn. Waarbij die sector zich  wel aan heel veel nauwelijks van af te wijken regels houdt. Je moet echt wel heel sterk in je schoenen staan, wil je niet accepteren dat je wordt ‘opgeborgen’ en dan minimale zorg en aandacht krijgt. Bovendien: tegen kosten waarvoor je in een vijfsterren hotel zou kunnen verblijven.”

     

    “De markt is er rijp voor. We laten zien dat we met minder geld dan een reguliere instelling fantastische huisvesting en 24 uur per dag en nacht aandacht en zorg kunnen regelen. Omdat we commercieel zijn.

     

    We hebben heel weinig overheadkosten, we kennen geen bureaucratie en ook geen duurbetaalde omgekeerde piramide in ons organigram. Door de franchiseformule is de organisatie zo plat als wat en zijn de kosten laag. Ook verliezen we geen tijd aan oeverloos vergaderen.

     

    Wat ouders van verstandelijk gehandicapten willen? Warmte, veiligheid en aandacht en een antwoord op de vraag wie er zorgt voor hun kind als ze er zelf niet meer zijn. En dat is wat een Thomashuis biedt. Betaalbare commerciële zorg.”

     

    “Ik heb niet veel vrienden in de zorgsector. De institutionele en gevestigde zorgmanagers vinden dat ik overdrijf. Dat ik te ongeduldig ben. Te pragmatisch ben. Laat maar. Laat ze maar denken. Ik ga door met doen. Ik wil een frisse wind. Ik word nogal eens uitgenodigd voor congressen van de Nederlandse zorgsector. Dan zie ik daar achter de tafel een verzameling mensen, je zou ze de apparatsjiks van de zorg kunnen noemen, het voormalig Kremlin waardig. Eerlijk gezegd: zinnige woorden worden niet gezegd.

     

    Mijn grote uitdaging is om ver weg te blijven van de invloed van die gevestigde zorgmanagers. Dat zal me denk ik wel lukken. Ik ben er immers niet de mens naar om me te laten afhouden van m’n overtuigingen. Maar dan, ik vecht niet tegen molenwieken, een Don Quichote ben ik niet. Dat heb ik inmiddels bewezen, en met mij de zorgondernemers van de Thomashuizen en andere belangrijke participanten.”

     

    Wat begon als een droom, blijkt op grote schaal te voldoen aan de wens om zorg voor mensen met een beperking op een andere manier vorm te geven. Thomashuizen streeft naar een landelijk dekking van 100 huizen.

     

    Het succes van de Thomashuizen heeft ertoe geleid dat de franchiseformule nu ook wordt toegepast op andere branches in de zorg. De Herbergier is bedoeld voor mensen met geheugenproblemen en ZusterFloor voor vermogende ouderen die verpleging behoeven. Impresario richt zich op het organiseren van individuele dagbesteding voor mensen met een handicap of chronische ziekte.

     

    Het overlijden van zoon Thomas heeft de Thomashuizen - en vader Hans van Putten - een nieuwe impuls gegeven. “De telefoon staat roodgloeiend.”

     

    Thomas zelf heeft nooit beseft dat hij een erfenis van onschatbare waarde achterliet. Thomas, de inspiratiebron voor de Thomashuizen.

     

    WWW.THOMASHUIZEN.NL

     

     

     


    Bezoek en Boek

    Voor informatie over de verschillende voorzieningen of het reserveren van een ruimte: ga naar de 3D plattegrond of neem contact op met de Dialogues House info desk.

    Reserveren
    DIALOGUES HOUSE INFO DESK
    020 430 1500
    info@dialogueshouse.eu